|
 |


|
 |
Moerasbos
 Moerasbos |
De natuurlijke successie van de vegetatie in een laagveenmoeras eindigt bij bos. Waar niet wordt gemaaid of beweid ontstaat moerasbos. In rietland vestigen zich al snel de eerste struiken en struwelen van wilde gagel, grauwe- en geoorde wilg. In het eindstadium van rietland weten zwarte els en zachte berk zich te vestigen. In nattere en meer door grond- of oppervlaktewater beïnvloede gebieden overheerst de zwarte els. Op zuurdere bodem met meer regenwaterinvloed heeft het berkenbroekbos meer kans. Dit is in De Alde Feanen goed waar te nemen. In het boezemgedeelte overheerst de zwarte els. En op de meest zure plaatsen, zoals plaatselijk in It Wikelslân, is volwaardig berkenbroekbos te vinden met een gesloten veenmoslaag op de bodem.
 Wilde gagel |
Het huidige moerasbos is maximaal een kleine zestig jaar oud. In de Tweede Wereldoorlog is al het bos in De Alde Feanen namelijk gekapt. Maar door het langdurige "beheer" van niets doen hebben zich waardevolle elzenbroekbossen ontwikkeld. Naast de zwarte els is de grauwe wilg een kenmerkende soort. Ook vindt men er veel sporkehout en wilde kamperfoelie. En langs de randen groeit met name in het oostelijke deel de heerlijk geurende wilde gagel. De bossen zijn rijk aan (korst)mossen, paddestoelen en insecten.
 Havik |
Bosbewoners
Vogels als buizerd, havik, en grote bonte specht broeden in deze bossen. Kleine zangvogels, zoals goudvink, grauwe vliegenvanger en nachtegaal broeden hier en vinden hier een rijk gedekte dis met insecten.
 Aalscholvers |
Vermeldenswaard is ook de grote aalscholverkolonie (bijna 900 paar) in de bomen van het Princehof. Ook reeën en zelfs de zeldzame boommarter voelen zich in de dekking van het bos veilig. De wandelroute door It Wikelslân voert u onder andere door een prachtig stuk moerasbos. Zeker de moeite van een bezoek waard.
|
|
 |

LIFE-project in Jan Durkspolder
 Herinrichting Alde Feanen
|
 |